Het verschil tussen feit en beleving
Door:
Vorige week op Accountant.nl de column gelezen van NBA-voorzitter Dekkers. Voor het geval je die gemist hebt: Mooi vak
Volgens hem is het vak van controlerend accountant is nog steeds ontzettend mooi. Vooral de teamspirit wordt door hem daarbij geroemd. In zijn betoog schetst hij een beeld waarin professionals na een week hard werken lekker bijeen zijn in het weekend om ook dan onder een giga tijdsdruk er voor te zorgen dat de jaarrekening op tijd af is. Aandacht voor de klant lijkt centraal te staan.
Nou wil ik best geloven dat er accountants zijn die het daarmee eens zijn, maar bij mij blijft het beeld hangen dat hij een werkelijkheid beschrijft die door de niet-partners echt anders wordt beleefd. Zie de reactie van Marcel Pheijffer, ook op Accountant.nl: Mooi vak. Een student droomt van zich af
De reactie van Dekkers is typisch voor een oude stijl-accountants, want geeft een beeld van het hoe in het verleden was. Een tijd waarin het werk dominant was boven privé. Tegenwoordig maakt de jongere generatie een andere afweging. Naast carrière is ook een gevuld privéleven belangrijk. Aandacht voor jezelf dus. Of dat nou leuk is of niet voor het klassieke accountantskantoor.
Nu lijkt deze ‘aandacht voor jezelf’ haaks te staan op ‘aandacht voor de klant’. Maar dat is maar net hoe je het bekijkt. Want in de praktijk die Dekkers beschrijft, wordt er onder tijdsdruk onvermijdelijk concessies gedaan aan de vaktechnische kwaliteit. Niet per se bewust , maar omdat logischerwijs de vereiste vaktechnische scherpte na 20 uur achtereen onder hoge druk gewerkt te hebben, minder wordt. Dit heeft effect op de kwaliteit van het geleverde werk. Dus hoezo aandacht voor de klant?
Mijn stelling is dat ‘aandacht voor jezelf’ leidt tot ‘aandacht voor de klant’. Goed uitgeruste medewerkers die in het weekend ook tijd hebben om net als ‘normale’ mensen te sporten, vrienden en familie te bezoeken of gewoon uit te rusten, zijn geestelijk scherper en ook productiever. Natuurlijk mag er best gewerkt worden in het weekend. Maar niet volcontinu en structureel. De jongere generaties professionals zijn het hier mee eens. Ze zeggen dit niet hard op, maar stemmen met hun voeten. Oftewel: ze zoeken een alternatief buiten de accountancy en vinden die.
Daarom doen accountantskantoren er voor hun eigen bestwil goed aan om de professional centraal te stellen. Dat wil zeggen: het principe te aanvaarden dat in deze tijden de belangen van de professional domineren boven die van het kantoor. Oftewel: het traditionele model waarin de werkgever bepaalt wanneer er gewerkt wordt, hoeveel er gewerkt wordt en tegen welke beloning, heeft zijn toekomst achter zich.
De zelfbewuste moderne professional wil zijn eigen definitie van kwaliteit van leven realiseren en heeft sinds enige tijd ook de arbeidsmarktpositie om dat te kunnen afdwingen. Dat besef neeemt toe. Zie het fors aantal toegenomen aantal zelfstandig ondernemers onder de accountants. Dat is geen toeval. Zij realiseren zo hun optimale balans tussen aandacht voor jezelf, het vak en privé.





